Bijna de helft institutionele beleggers mist obligatierevolutie EM De markt van obligaties uit opkomende markten groeit als kool. Toch laat nog bijna de helft van de institutionele beleggers deze markt links liggen. Te ingewikkeld, te weinig transparant, te volatiel zijn enkele argumenten. Terecht? 1 juli 2025 08:00 • Door Redactie Voor sommige beleggers zijn obligaties uit opkomende markten de normaalste zaak van de wereld, anderen zien er het nut niet van in. Die laatste groep kiest liever voor bedrijfsobligaties, die ook een risicopremie bieden. Of ze houden de boot helemaal af bij alles wat niet investment grade is. Voor veel beleggers vormen obligaties het veilige deel van de portefeuille met solide rente-inkomsten. Risico’s nemen ze liever met aandelen. Tenminste, dat blijkt uit een recent onderzoek van bfinance onder institutionele beleggers. De enquête wijst uit dat slechts 57% van hen in het bezit is van een substantiële hoeveelheid EM debt. De overige 43% belegt er niet of nauwelijks in. Maar hoe lang houden ze dat nog vol? Brady bonds Het is namelijk wel een markt die pijlsnel groeit met een aanbod dat steeds gevarieerder wordt. Als beginpunt wordt vaak 1989 genomen toen er een weelderige handel ontstond in zogenoemde Brady bonds. Argentinië, Brazilië, Mexico en Rusland waren toen de belangrijkste landen waar de EM-obligaties vandaan kwamen. Daar konden hoge rendementen mee worden behaald, maar het was wel een moderne variant van het Wilde Westen. Een volgende stap werd in de jaren 90 gezet met de JP Morgan Emerging Market Bond Index, een benchmark waar fondsmanagers zich voor het eerst echt goed aan konden toetsen. Voor een markt om volwassen te worden is dat heel belangrijk. Er kwamen bovendien steeds meer landen in deze index, wat de markt diverser en groter maakte. Tegenwoordig hebben we het over een obligatiemarkt van ongeveer 8 biljoen dollar, bestaande uit vooral staatsobligaties in lokale en buitenlandse valuta (met name dollars). Maar de bedrijfsobligaties uit de opkomende markten zijn ook bezig met een stevige opmars. Voor- en nadelen Maar waarom houden veel beleggers de boot af? Een van de problemen bij EM debt is dat er grote onderlingen verschillen zijn. Zo zijn er obligaties met extreem hoge risico's - denk bijvoorbeeld aan zwaargewicht Turkije met zijn hyperinflatie - en er zijn landen met veel lagere risico's zoals Saoedi-Arabië, China, Mexico en verschillende EU-landen in Centraal-Europa. Het is overigens belangrijk op te merken dat de term emerging markets niet voor elke fondsbeheerder hetzelfde betekent. Bij aandelen zitten in dit universum bijvoorbeeld bijna altijd Zuid-Korea en Taiwan, terwijl deze landen voor veel obligatiebeleggers niet altijd als "emerging" worden gezien, maar als "developed". Volatiel Een andere nadeel is dat EM debt erg volatiel is. Corona en de daaropvolgende jaren 2021-2022 met snel oplopende rentes waren een extreem voorbeeld met verliezen die voor beleggers veel hoger opliepen dan bij andere obligaties. Dat heeft het imago geen goed gedaan. Daar staat tegenover dat EM debt het op de lange termijn best aardig doet, zeker als de obligaties in lokale valuta buiten beschouwing worden gelaten. Die tweede groep had het afgelopen decennium namelijk tegenwind door de harde dollar en het groeiende aantal geopolitieke conflicten. Markt blijft goeien De algemene verwachting is dat de markt ook de komende jaren hard blijft groeien. Bfinance ziet daarom zeker kansen en dan met name voor actieve fondsmanagers die bij EM debt hun meerwaarde kunnen laten zien. Hun keuzes voor obligatieschulden van hoge kwaliteit of lage en voor obligaties in lokale valuta of dollars zullen van doorslaggevend belang zijn voor het rendement in de toekomst. De grote verschillen tussen EM-obligaties geeft actieve belegers in ieder geval een kleine voorsprong op de passieve indexfondsen (zou je zeggen). De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Deel via: